De termen Ustādh en Shaykh

Call-To-Prayer,-Cairo
De term “Ustādh” vindt zijn weg terug middels etymologische routes richting het Perzische woord “Ostad”. Deze Perzische term verwijst oorspronkelijk naar iemand met een diepgaande expertise in specifieke onderwerpen. Bijgevolg wordt de term “Ustādh” in het Arabisch veelal gekoppeld aan een geleerde. Het gemeenschappelijke gebruik van het woord “Ustādh” in het Modern Standaard Arabisch is dan voor professoren met een vaste aanstelling verbonden aan een universiteit. Een assistent-professor staat bekend als een “Ustādh Musā’id”. Een universitair hoofddocent staat bekend als “Ustādh Mushārik”. Een algemeen hoogleraar staat bekend als “Ustādh”. De etymologische definitie en het moderne Arabische gebruik van die term is natuurlijk heel anders dan hoe dit nu wordt toegepast in het westen. Het woord “Ustādh” wordt veelal gebruikt in het westen voor een ontluikende geleerde met duidelijke tekenen van een gemiddeld niveau in de studie van diverse onderwerpen of misschien wel voor opkomende geleerden, maar nog niet op dat werkelijke niveau zijn. In het oosten, wordt deze term gebruikt op verschillende manieren, waaronder de eerder genoemde zaken hierboven (zoals professor).
Als we nu eens kijken naar het woord “Shaykh”. Dit woord heeft – gezien de etymologische route en de drie letterconsonanten (Shīn-Yā-Khā) – in eerste instantie betrekking op leeftijd, veroudering en oud geworden met wijsheid. De term betekent ook een man van grote kracht en adel en wordt veelal gebruikt voor de Koninklijke families in het Midden-Oosten. De titel draagt vooral op het Arabisch schiereiland de betekenis: leider, ouderling of nobel. Waarbij de term “Shaykh” een traditionele titel werd van een tribale leider in de afgelopen eeuwen.
Als gevolg van de culturele impact van de Arabische beschaving en in het bijzonder door de verspreiding van de islam heeft deze term meer het gebruik aangenomen van een religieuze term. Ook bekend als eretitel in vele andere delen van de wereld met name in de islamitische culturen in Afrika en Azië. De titel “Shaykh” is algemeen die gegeven wordt aan een Islamitische geleerde en meestal uit respect voor zijn leeftijd (ouderdom) maar ook als een soort van autoriteit en betekent in dit geval dan ook leider, chief of kenner van islam.
Met andere woorden dat hij een specifiek curriculum heeft doorlopen inzake islamwetenschappen met een hoge status van geleerdheid en oud in leeftijd, maar in combinatie met wijsheid. Algemeen iemand die al op leeftijd is en grijs en oud is geworden heeft toch wel het nodige mee gemaakt en is wijs geworden door het leven, vandaar dat een advies van een ouder persoon altijd wordt gerespecteerd, vanwege de wijsheid en levenservaring.
De term “Shaykh” is soms ook synoniem aan de term “Ustādh” en verwijst ook naar professor van het hoger godsdienstonderwijs. Bijkomend dat een “Shaykh” meestal ook wordt betiteld als ‘Ālim en kan vertaald worden als een “expert” of een “geleerde” van een bepaalde wetenschap. Letterlijk betekent ‘Ālim “iemand die weet en kennis heeft van”. Als we dit woord schrijven met een Fatḥah op het letterconsonant “Lām” dan heb je het woord ‘Ālam dat “wereld” of “rijkdom” (- behorend tot iemand) betekent. Je zou kunnen zeggen dat een ‘Ālim iemand is die zeer deskundig is en deze deskundigheid is zijn rijkdom.
Er is nog een andere term met betrekking tot deskundigheid en dat is “‘Allāmah” met de Shaddah op letterconsonant “Lām” en betekent een deskundige die zeer specialistisch is ofwel een zeer geleerd persoon en thuis in vele wetenschappen. Deze gradatie van geleerdheid ligt hoger dan die van een ‘Ālim. Terwijl deze titels religieus kunnen worden gebruikt door moslims om een geleerd persoon aan te wijzen, kan dit woord in zijn essentie ook onafhankelijk zijn van de religie. Jonge kinderen die in de moskee in het weekend Arabische lessen volgen noemen hun leraar “Ustādh” en niet perse vanwege zijn geleerdheid in religie, maar uit respect voor zijn functie als leraar of docent en als zogenaamde opvoeder in de les.
De termen “Ustādh, Shaykh”, ‘Ālim en ‘Allāmah” zijn respectievelijke titels gegeven aan mensen vanwege hun specialisme en een bepaalde leeftijdsgroep met jarenlange intensieve training in vele uiteenlopende onderwerpen binnen de Islamitische wetenschappen, maar ook de wetenschappen daarbuiten. Denk maar eens aan een arts, technicus, psycholoog, ingenieur, iemand die sterrenkunde heeft bestudeerd, enz. Zij volgen een specifieke lijn van tradities m.b.t. het studeren bij andere grote geleerden van hun tijd. Memorisatie, examinatie en ketens van overleveringen van honderden tot wel duizenden Aḥādīth en niet te vergeten de memorisatie van de Qur’ān op vrij jonge leeftijd met beheersing van diverse recitatiestijlen. Deze geleerden beheersen hun zaken tot in de puntjes en dan heb ik het nog niet eens over hun eloquente beheersing van de Arabische taal. En hier bedoel ik niet het Arabisch van de huidige tv-series zoals: al-Jazeera en de Egyptische en Libanese speelfilms, maar ook het oud-Arabisch – het Qur’ān-Arabisch en Jāhiliyyah-Arabisch en de vele poëzie uit die periode. Deze intensieve studies nemen toch wel de nodige jaren in beslag (gemiddeld 10 tot 15 jaar en soms wel langer).
Een Imām daarentegen is een voorganger in het gebed afgeleidt van het voorzetsel “a-mā-ma” dat wordt gebruikt om aan te geven dat iets, iemand of een object ergens voor staat. De Imām van de moskee staat dus als voorganger in het gebed en is degene die de Qur’ān heeft gememoriseerd. Hij moet bijvoorbeeld goed op de hoogte zijn van de Fiqh van het gebed en heeft veelal in de huidige tijd een degelijke islamitische opleiding gevolg met de nadruk op het beheersen van de Qur’ān en Tajwīdregels. Ook heeft de Imām een belangrijke maatschappelijke functie in de gemeenschap. De geleerdheid van Imām tot Imām verschild hier en daar van persoon. De een heeft meer gestudeerd dan de ander. In de huidige tijd wordt begrepen dat een Imām qua geleerdheid lager in niveau is dan dat van een “Shaykh” of “Ustādh. In de vroegere tijden lag de criteria voor de taak van een Imām op een veel hoger niveau dat vergelijkbaar is met het huidige niveau van een “Shaykh” of “Ustādh”. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit gehoord of gelezen dat iemand zegt: “Shaykh Aḥmad bin Ḥanbal” of “‘Allāmah Mālik bin Anas” of Ustādh ash-Shāfi’i” of “Shaykh ‘Ālim Abū Ḥanīfah”? Sterker nog, het klinkt heel raar in mijn oren als ik het zelf uitspreek, gewoon omdat ik het niet gewend ben.
Wel, deze bekende vier grote mannen – bergen van kennis, pionieren van de jurisprudentie, behouders van de Sunnah en dragers van de Qur’ān dragen slechts de titel “Imām” en gaan qua hun religieuze inspanningen (ijtihād) en kennis voorbij aan vele huidige “Shuyūkh” en “Asātīdhah”. De huidige “Ṭālib-ul-‘Ilm” daarentegen is een student die kennis neemt van de Shaykh of Ustādh die hij ontmoet, en de “Ṭullāb” (meerv. van Ṭālib) die vroeger bijvoorbeeld studeerden bij Imām Mālik of Imām Abū Ḥanīfah zijn misschien wel vergelijkbaar met een huidige Shaykh of Ustādh qua kennis! Sterker nog, vele studenten van de vier bekende A`imah werden later ook grote bekende geleerden.
Op het moment dat men iemand de titel “Ustādh” toeschrijft, dan moet hij op zijn minst voldoen aan de huidige criteria eerder opgenoemd in deze tekst en dan heb ik het over jarenlang intensief studeren knie aan knie met grote geleerden die meester zijn in vele islamwetenschappen, memorisatie van de Qur’ān en verschillende teksten in Akhlāq.
Ik begrijp best dat mensen respect willen tonen voor iemand zijn expertise in zaken, maar alles en iedereen op de juiste plek en in de juiste Maqām. Mijn huidige status van opleiding en mogelijkheid tot ontmoeting van geleerden is zeer beperkt. Voor die reden is het niet gepast om mij een titel als “Ustādh” toe te schrijven. Ik word hiermee in verlegenheid gebracht en zo’n titel brengt een verwachtingspatroon met zich mee dat ik helaas niet kan waar maken.
Dat men iemand “Ustādh” noemt tijdens een les of cursus uit respect voor zijn functie als leraar of docent vind ik op zich geen kwalijke zaak en is slechts een gebaar van Adab (goed gedrag), maar ook hier is geen noodzaak voor en de docent zou dit ook niet moeten verlangen van zijn leerlingen.
Ik schrijf dit niet uit bescheidenheid, maar uit besef voor de werkelijke status voor zo’n titel en uit angst voor Allah om te voorkomen dat het verwachtingspatroon uiteindelijk gaat afwijken van de werkelijkheid en daar wil ik gewoon heel helder in zijn.

Wa aḥsan Allāhu ilaykum

Zakariya Bosmans

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: